19 juni 2017  | Tekst: Intramed - MP Tekst | Beeld Intramed


Toename van aantal patienten,
maar het aantal zittingen beweegt niet

 

ParaBench: uw praktijk in cijfers  

Benchmarken in de paramedische sector  In deze uitgave van MoveMens kijken we naar cijfers die de ontwikkeling van het aantal klachten en zittingen door de jaren heen weergeven. Deze cijfers laten een aantal bijzondere uitkomsten zien en op basis daarvan kunnen we één en ander concluderen.. 

 

Het blijkt dat de afgelopen jaren een toename van het aantal patiënten (en klachten) heeft plaatsgevonden, terwijl het aantal zittingen amper in beweging is. Dat is redelijk bijzonder, want je zou verwachten dat in dat geval het aantal zittingen ook zou stijgen. De belangrijkste oorzaak waarom dit niet het geval is, ligt in de relatie met het behandelgemiddelde. Dit behandelgemiddelde daalt al enige tijd en hierdoor staat de omzet van de praktijk onder druk. Je ziet dan ook dat vooral de ondernemende fysiotherapeuten op zoek gaan naar extra inkomsten. Zo zie je meer multidisciplinaire samenwerkingen ontstaan, sommige prakijken gaan zich op coachingstrajecten of personal training richten en men gaat op zoek naar nieuwe doelgroepen. Kortom, andere wegen die leiden tot meer omzet, naast de reguliere behandelingen.

 

Clusters
Ook hebben we dit keer gekeken naar de clusters. Hoe zijn de patiënten en zittingen verdeeld in de vijf clusters, zoals die gelden voor de behandelindex? De clusters zijn gerangschikt naar zorgzwaarte. Wat we in de markt constateren is dat een aantal fysiotherapeuten probeert ‘slim’ te administreren. Patiënten die een langer traject in gaan, krijgen na een aantal behandelingen een andere diagnosecode. Dit is echter nutteloos en levert alleen maar extra administratief werk op.

 

De zorgverzekeraar prikt hierdoor heen. De verzekeraar verzamelt alle indicaties in dezelfde zorgzwaarte van een patiënt en telt dit gewoon bij elkaar op. Een nieuwe diagnosecode aanmaken, bijvoorbeeld een patiënt van 3126 naar 3426 zetten, heeft geen enkele zin en levert je niets extra op. 

 

Er is bovendien een nieuwe ontwikkeling gaande om op uniforme wijze de behandelingen te berekenen. Omdat alle verzekeraars op dezelfde manier gaan berekenen, wordt het voor de praktijken dus gemakkelijker. Het manipuleren van de behandelindex wordt hiermee vrijwel onmogelijk, maar positief is dat het de landelijke cijfers wel een stuk betrouwbaarder maakt.  

 

Klachten en zittingen
Hoe staat het met de ontwikkeling van de aantallen klachten en zittingen over de jaren heen? In grafiek 1 (zittingen en klachten 2014-2016) is het jaar 2013 als uitgangspunt genomen. Het totaal aantal zittingen eind 2016 lag dus 5% hoger ten opzichte van 2013. Geen spectaculaire stijging, zeker als we zien dat het aantal klachten (dat kunnen meerdere klachten per patiënt zijn) is toegenomen met bijna 18%. Dat geeft wel aan dat er minder zittingen per patiënt gegeven worden. In ons vorige artikel in MoveMens heeft u ook al kunnen lezen dat het aantal behandelingen per indicatie kleiner aan het worden is.

Hoe gaat het met de praktijken zelf als we de afgelopen jaren bekijken? We hebben in grafiek 2 (praktijkontwikkeling) een vergelijking gemaakt op basis van het aantal klachten in een praktijk en het aantal zittingen. Een snelle conclusie is dat de meeste praktijken voldoende instroom hebben van nieuwe patiënten. Tussen 2014 en 2015 had ruim 20% van de praktijken een (kleine of grote) afname van het aantal klachten. Dat is tussen 2015 en 2016 afgenomen naar een kleine 15%.

 

Het aantal zittingen / behandelingen wat er per klacht gegeven wordt, laat echter een ander beeld zien. Maar liefst 36,2% noteert een daling tussen 2014 en 2015 en tussen 2015 en 2016 zelfs 62,3%. Ook het aantal praktijken met een grote toename in het aantal zittingen neemt duidelijk af. Kijken we naar de praktijken met een (grote of kleine) toename van patiënten, dan zien we dit aantal stijgen van 57% tussen 2014 en 2015 naar 70% in het daarop volgende jaar. De zittingen dalen in dezelfde periode van ruim 43% naar een kleine 28%.

 

 

Hieruit blijkt dus duidelijk dat ook het aantal praktijken met een grote toename in het aantal zittingen afneemt. Voor een betrouwbaar beeld hebben we voor deze doorsnede alleen gegevens kunnen gebruiken van praktijken die de jaren 2014 t/m 2016 volledig en compleet hebben gedeeld in ParaBench. Dat zijn er totaal 130.

De absolute aantallen klachten voor genoemde praktijken in deze jaren (zie grafiek 3: klachten en zittingen voor 130 praktijken) zijn 213.211 / 220.719 / 235.598 en het aantal zittingen is 1.821.941 / 1.849.180 / 1.758.866.

Omdat het over 130 praktijken gaat, kan niet zo maar de conclusie getrokken worden dat dit op gaat voor de gehele markt, maar het moge duidelijk zijn dat het aantal klachten harder stijgt dan het aantal zittingen. Tevens hebben we aanwijzingen dat de betaalbereidheid van patiënten voor fysiotherapie serieus aan het afnemen is.

Waar in 2013 nog ongeveer 15% door de patiënten zelf werd betaald is dat nu nog maar rond de 11% van het totale volume. Omdat we geen relaties kunnen leggen tussen het wel of niet hebben van een contract met de verzekeraar kunnen hierdoor verschillen ontstaan.

 

Zorgzwaarte clusters

Voor de berekening van de behandelindex worden klachten / patiënten onderverdeeld in 5 clusters. In de grafieken 4 en 5 (verhouding patiënten en zittingen in zorgzwaarte clusters) zien we de verdeling over de clusters voor de jaren 2014 t/m 2016 en tevens de verhoudingen in het aantal zittingen. Meest opvallend is de daling van het aantal patiënten in cluster 4 (2016 t.o.v. 2015). Cluster 4 staat voor chronische zware indicaties. Hier worden blijkbaar minder verwijzingen afgegeven. Wat verder opvalt is dat 80% van de patiënten zich in 2016 in cluster 1 bevindt en dat hier ‘slechts’ 66% van het totaal aantal zittingen wordt genoteerd. Verder zijn er de afgelopen jaren binnen de clusters geen opvallende wijzigingen zichtbaar.

Meer info:

 

Oproep

 

Ziet u trends in de markt? Heeft u bepaalde ideeën of wilt u juist meer weten? Mail ons uw vraag en wij gaan ermee aan de slag.

Vanuit de benchmark kunnen we verschillende dwarsdoorsnedes maken op bijvoorbeeld leeftijd, klacht, verhouding man/ vrouw etc. Wilt u cijfers zien van de behandeling van schouderklachten?

Hoe de verdeling qua leeftijd is bij nieuwe instroom? U kunt het zo gek niet bedenken of we kunnen u aan de hand van de beschikbare cijfers antwoorden geven.

Mail uw verzoek naar Kris Ubink: kubink@intramed.nl.