20 juni 2016 | Tekst: Martijn Plantinga  en Kris Ubink | Beeld: Intramed |  www.movemens.nl


Met benchmarken voor de paramedische sector kunnen we op grote schaal prestaties en cijfers vergelijken van grote groepen ondernemers en praktijken. ParaBench is er 100% voor en door de fysiotherapiepraktijken. Deze cijfers worden NOOIT gedeeld met zorgverzekeraars. We willen met ParaBench meer inzicht geven in hoe een praktijk scoort, ook t.o.v. andere praktijken. Hoe meer aangesloten praktijken (op dit moment ruim 550), hoe beter het beeld dat we kunnen schetsen. Totaal gaat het om 418.420 patiënten en 497.408 klachten in 2015 (uploads tot op heden). Intramed-gebruikers die ook Intramed-PLUS gebruiken kunnen zelfs gratis gebruik maken van ParaBench.
 

Longziekten en de fysiotherapeut
Het Longfonds maakt zich al jaren hard voor COPD en astma. Bij COPD is de vergoeding voor fysiotherapie vanuit de basisverzekering geregeld. Bij astma is dat nog niet het geval, terwijl dat eigenlijk wel zou moeten. Onlangs, op Wereld Astma Dag, heeft het Longfonds hier aandacht voor gevraagd. “Mensen die hun astma moeilijk onder controle krijgen en gebaat zijn bij fysiotherapie, moeten dat vergoed krijgen”, zo pleit de directeur van de Longfonds patiëntenvereniging Hendrien Witte. “Fysiotherapie helpt, net als bij de longziekte COPD”, dus dat is alle reden om het ook bij deze vorm van astma te vergoeden uit de basisverzekering.”

In Nederland hebben een miljoen mensen een longziekte, ruim de helft heeft astma. Eén op de vijf hiervan (113.000 mensen) krijgt astma moeilijk onder controle. Medicijnen helpen wel, maar onvoldoende. Hyperventileren, vermoeidheid, minder bewegen, overgewicht en psychische problemen komen bij deze groep patiënten vaker voor. Net als het Longfonds onderschrijft ook dr. Alex van ’t Hul (Radboud UMC in Nijmegen) de rol van de fysiotherapeut. “Fysiotherapie en begeleid bewegen helpen hen om grip te krijgen op hun astma en hun leven. Het kan een positieve invloed hebben op de kwaliteit van leven, die niet kan worden bereikt met het louter voorschrijven van medicijnen. Zonder deze behandelingen krijgen we het aandeel moeilijk behandelbaar astma niet naar beneden.” We houden de ontwikkelingen in de gaten en kijken in deze uitgave naar COPD. COPD is 5,4% van het totale behandelvolume en een klacht die in de basisverzekering valt. Bij deze longziekte is het belangrijk dat mensen hun conditie op peil houden.

 



Meer behandelingen COPD
In het aandeel COPD in zittingen (figuur 1) zien we door de jaren heen een lichte stijging (van 3,43% in 2012 naar 5,4% in 2015). De stijging is te verklaren door de toename in zittingen binnen de groepen 18-65 en 65+.


Figuur 2, het aandeel patiënten met COPD, laat zien dat minder dan 1% van het totaal aantal patiënten COPD betreft. Er zijn geen bijzondere trends zichtbaar en het aantal patiënten is niet noemenswaardig gestegen.

 


Doordat het aantal zittingen COPD is gestegen en het aantal patiënten ongeveer gelijk is gebleven, is de conclusie dat het behandelgemiddelde bij deze groep patiënten aanzienlijk stijgt. Het behandelgemiddelde COPD (figuur 3) laat deze opvallende trend zien. Het gaat weliswaar om trajecten die ook over de jaargrens heen lopen, maar de conclusie is duidelijk dat er steeds meer behandelingen worden gegeven per patiënt, als het COPD klachten betreft.


Opvallend bij de onderverdeling naar geslacht (figuur 4) is dat er in de categorie 18-65 relatief meer vrouwen in behandeling zijn. Bij 65+ zijn het juist opvallend veel meer mannen, al neemt dit aantal door de jaren heen wel wat af. Dat er in deze leeftijdsgroep meer mannen worden behandeld is extra opvallend aangezien meer vrouwen de fysiotherapeut bezoeken dan mannen. Er is wel een lichte stijging te zien bij vrouwen van 65+ die in behandeling komen.
Wel moet vermeld worden dat de fluctuaties in de groep 18-65 nog groot zijn, omdat het over totaal ‘slechts’ 500 patiënten gaat, waarvan we per jaar de vergelijking kunnen maken.

 


In de laatste grafiek (figuur 5) zien we dat de DTF (Directe Toegankelijkheid Fysiotherapie) blijft stijgen. Steeds meer patiënten bezoeken de fysiotherapeut zonder verwijzing. Opmerkelijk is dat er nog steeds chronische patiënten zijn die zonder verwijzing bij de fysio terecht komen. Zeker omdat zij wel een verwijzing nodig hebben. Het kan zijn dat ze dit later alsnog geregeld hebben, maar wellicht dat dit administratief niet aangepast is. De verhouding chronisch / niet-chronisch blijft de laatste jaren redelijk constant.

 

Meer info: